Column / weblog
Raadsvergadering september 2011
Symposium 'The future of Global Missions' met Vinoth Ramachandra
Wereld en Zending online beschikbaar
Membercare toerustingsdag: Screening versus Roeping
Christian witness in a multi-religious world
Vooraankondiging Vijfde AMD-Theologencontres over zending

Nieuw akkoord over zending en evangelisatie?
In maart 2012 wordt in Manilla over zending vergaderd. Nou gebeurt dat wel vaker, dat zendingsmensen spreken over de koers van hun werk. Zo vonden in 2010 twee grote bijeenkomsten plaats in Edinburgh en in Cape Town, waarover al veel gezegd en geschreven is. Op zich niets nieuws onder de zon dus.
Toch zou die bijeenkomst in Manilla wel eens bijgeschreven kunnen worden in de zendingsanalen, want CWME (de afdeling zending en evangelisatie van de Wereldraad van Kerken) wil daar de concepttekst van een nieuw oecumenisch akkoord over zending bespreken. De assemblee van de Wereldraad mag dan een jaar later (2013, Zuid-Korea) beslissen of het echt een akkoord wordt.
Het is lang geleden dat de assemblee van de Wereldraad een zendingsnota vaststelde. Dat was in 1982, toen het invloedrijke document ‘Zending en evangelisatie, een oecumenisch akkoord’ werd vastgesteld. Een Nederlandse vertaling ervan verscheen in de NZR-reeks Allerwegen (1983/3). Voorlichters en toerusters van zendingsorganisaties trokken toen vele avonden het land in om met werkgroepen en commissies over de inhoud ervan te spreken. Na bijna dertig jaar is het tijd voor een nieuw gesprek en een nieuw akkoord, want sinds de jaren tachtig is in kerk en wereld veel veranderd. De impact van migratie en de relatie tussen religieuze gemeenschappen staan hoog op de agenda; theologische accenten verschoven en zending vanuit het Zuiden kwam sterk op.
Waarop zal het nieuwe akkoord de nadruk leggen? Dat zullen we nog even moeten afwachten. Maar de kans lijkt groot dat de relatie van migratie en zending met nadruk aan de orde zal komen, want dat thema krijgt in de aanloop naar Manilla al veel aandacht. Spannend is de vraag wat dan over migratie en migranten gezegd gaat worden. Te vaak is over migranten gesproken als object van zending, als onze hulp en bijstand behoevend. Inmiddels breekt steeds meer het besef door dat migranten ook subject van zending zijn. Migratie en zending zijn niet langer los van elkaar te zien. Migrantenkerken zijn missionair, zowel in het streven naar gerechtigheid als in de nadruk op getuigenis. Ze vormen vaak een multiculturele samenleving in het klein, met alle uitdagingen en rijkdom die daarbij horen. Zal het nieuwe zendingsdocument iets zeggen over het model van de multiculturele samenleving, waarvan westerse politici in toenemende mate afscheid nemen?
In Nederland en de ons omringende landen staat de laatste jaren missionaire gemeenschapsvorming (‘kerkplanting’) weer op agenda. En niet zonder reden. Het oecumenische akkoord van 1982 schonk daaraan weinig aandacht. Het kwam niet verder dan de constatering dat de zending ‘als vanzelf’ de opdracht met zich mee bracht de groei van het aantal lokale gemeenten ‘in iedere menselijke gemeenschap’ te bevorderen. Daarover had best iets meer gezegd mogen worden.
De invloedrijke missioloog Johannes C. Hoekendijk (1912-1975), en velen met hem, rekenden in de na-oorlogse jaren af met begrippen als kerkplanting en volkskerstening, maar de discussie over gemeentevorming in de zending is – gelukkkig – terug van weggeweest. Evangelischen wisten het al jaren, maar langzaamaan beseffen ook mainline kerken, zoals de Anglicaanse kerk, de Evangelische Kirche Deutschland en de PKN, dat zending in de lokale context ook vraagt om gemeenschapsvorming.
Kerkplanting is niet hét doel van zending, maar het hoort er wel bij. Een herijking van het begrip kerkplanting zou een nieuw oecumenisch zendingsakkoord daarom niet misstaan.
Dr. Gert Noort