| Robert Warren, Handboek gezonde gemeente | |
Handboek gezonde gemeente
|
|
“Een kerk is nooit volkomen gezond. Als wij denken dat we als gearriveerd zijn, volmaakt gezond zijn, dan hebben we een verkeerd beeld van gezondheid. We zijn er nooit helemaal, net zoals ons lichaam nooit volmaakt gezond is. Maar we kunnen wel inschatten hoe wij het doen in de verscheidene aspecten van gemeente-zijn. We kunnen onszelf met behulp van richtlijnen evalueren, en op basis daarvan onszelf verbeteren.”
De Anglicaanse theoloog Robert Warren sprak donderdag 20 november 2008 op uitnodiging van de Raad van Kerken en de Nederlandse Zendingsraad voor een bont gezelschap kerkleiders, theologen en gemeenteopbouw deskundigen. Warrens Healthy Churches' Handbook is in het Nederlands vertaald en verschenen onder de titel Handboek gezonde gemeente . Dat is winst voor kerken in Nederland, want Robert Warrens inzichten zijn broodnodig in een tijd waarin de ontkerkelijking snel doorzet.
Kenmerken van een gezonde gemeente
Warren heeft een jarenlange ervaring in gemeenteopbouw in de Anglicaanse Kerk. Hij heeft vooral gewerkt voor verschillende diocesen in Engeland en daar heeft hij de oorzaken van kerkverlating en kerkgroei diepgaand onderzocht. Hij is tot de conclusie gekomen dat gemeenten van allerlei signatuur en voorgangers met allerlei karakters zomaar een periode van groei kunnen doormaken, terwijl zij daar niet eens bewust op uit waren.
Waar zit het ‘m dan in? Volgens Warren maakt de leiderschapsstructuur ook niet het verschil. Er zijn drie manieren om een kerk te besturen: de episcopaalse, de presbyteriaanse en de congregationalistische manieren. Alle drie hebben wortels in de Schrift en alle drie blijken in de praktijk goed te werken. In de dynamiek van een gezonde gemeente spelen alle drie deze systemen een rol.
Waar het wel in zit is bezieling. Ten diepste moet de kerk bezield zijn door Christus en dat komt tot uitdrukking in gemeenschapszin. Het blijkt dan ook dat gezonde en daarom ook groeiende – een gezond organisme groeit immers – kerk aan een aantal kenmerken voldoet. Dat zijn kenmerken die Jezus ons voorgeleefd heeft. Heel in het kort gaat het om: diepe gelovigheid; missionaire bewogenheid; gerichtheid op Gods wil; bereidheid om pijnlijke keuzen te maken; een balans tussen organisatie en gemeenschapszin; hartelijkheid en gastvrijheid; en focus: het goed doen van enkele en niet het afraffelen van vele dingen (“Healthy churches are focused rather than frantic churches.”). Deze kenmerken staan uitgebreid beschreven in Warrens Handboek .
Zonder te vervallen in een gemakkelijk recept of een tien-stappenplan dat succes garandeert, legt Warren toch de vinger bij waar het in het kerk-zijn ten diepste om gaat. Daarom is de boodschap van dit boek zo eenvoudig en bijbels als het maar kan: het gaat om een gemeente die een inspirerend geloof, een warme gemeenschap en een missionaire bewogenheid bezit. Daar zit iets heel moois en elementairs in: gewoon trouw en gelovig christen zijn; gewoon Jezus volgen; gewoon samen kerk zijn.
Het belang van statistieken en actieplannen
Tegelijkertijd is Warren zich wel degelijk bewust van aantallen en statistieken. Hij verwees tijdens de bijeenkomst naar het werk van een collega, Bob Jackson (auteur van onder andere Hope for the Church en The Road to Growth ). Met hem en anderen heeft Warren de statistieken rondom kerkverlating dieper onderzocht. Hij heeft geprobeerd te achterhalen waar er sprake is van achteruitgang en waar van groei, en waarom. Om het in zijn woorden te vatten: waar is de emmer lek en hoe kunnen we het lek repareren.
Het verrassende van zijn verhaal is dat het wel degelijk mogelijk blijkt om die lekken te repareren. Dat betekent niet dat Warren zich inbeeldt dat er een gemakkelijke uitweg uit de kerkelijke impasse is. Telkens weer voegde hij aan zijn zinnen toe: “Door Gods voorzienigheid...” Maar hij gelooft wel in goede analyse en in effectieve kerkvernieuwing die leidt tot groei. Eerlijke zelfanalyse is een voorwaarde voor verandering. Het Handboek biedt hiervoor ook materiaal: een test voor het profiel van een plaatselijke gemeente dat zich uitstekend leent voor gebruik op gemeentebijeenkomsten.
Welke kerken lopen het risico veel leden te verliezen? Het zijn vaak de grotere kerken met hoge aantallen mensen waar kerkverlating het sterkst is. “Contrary to popular belief: large churches are not growing and growing churches are not large.” Daarnaast zijn het kerken die een lange periode zonder voorganger zijn: “A one-year vacancy can account for a loss of 20 %; a new priest may then typically bring a 4 % growth, but that still leaves the church with a loss of 16 %!” Daarom is wijsheid en krachtdadigheid vereist wat betreft het toewijzen van voorgangers aan gemeenten.
Warren noemde voorbeelden van Anglicaanse diocesen waar hij een periode aan het werk kon zijn en waar hij binnen enkele jaren kerkverlating van 5 % zag omslaan in kerkgroei van 2-5 %. Een heel praktische ontdekking was: Mission-action plans werken! Ouderwetse beleidsplannen zijn te massief, maar goede prioriteiten en goede plannen kunnen wel degelijk leiden tot een gezonder kerkelijk leven. Ze getuigen namelijk van een bereidheid tot verandering: een van de kenmerken van een gezonde gemeente.
Ter illustratie vertelde Warren over de situatie in Londen. Alle kerken in het Anglicaanse diocees van Londen zijn door hun bisschop gevraagd om regelmatig zulke mission-action plans te formuleren. Daar liet de bisschop het niet bij: hij stelde acht fulltimers aan om de kerken te helpen hun plannen in de praktijk te brengen en de voortgang te evalueren. Dit heeft geleid tot een gestage, maar bestendige kerkgroei in het diocees. (Daarmee is Londen het enige gedurig groeiende diocees in de Anglicaanse Kerk.)
Openheid naar de samenleving
Warren beaamde het belang van openheid naar de samenleving van harte. De kerk die hem voor ogen staat is een door-en-door missionaire kerk. Nieuwe vormen van kerk-zijn trekken daarin samen op met traditionele gemeenten en bijeenkomsten. Want aan de ene kant moeten we onder ogen zien dat er velen zijn die niet langer door traditionele vormen worden aangesproken. Anderzijds mogen we meerderheid van de kerkleden voor wie traditionele gemeente een thuis is niet afvallen.
Waar het in beide vormen van kerk-zijn om gaat is discipelschap . Christenen moeten zich afvragen hoe zij aanknopingspunten kunnen vinden in religieuze ervaringen van mensen zonder kerkelijke achtergrond. Want zulke ervaringen van God, Christus, en de Geest hebben mensen zonder twijfel. Hoe kan de kerk mensen helpen om het christelijke leven, het leven in Christus, bepalend te maken voor hun hele leven?
Evangelisatie is dan ook geen incidenteel momentwerk, maar het gaat om een proces van discipelschap. Het resultaat van het decennium van evangelisatie in de Anglicaanse kerk (1988-1998) was de ontdekking van procesmatige evangelisatie. Dit is tot uitdrukking gekomen in de evangelisatie cursussen die in die tijd zijn ontworpen, zoals Alpha, Emmaus, Start en Christianity Explored. Door middel van deze oriëntatiecursussen maken in het Verenigd Koninkrijk wekelijks duizenden kennis met het christelijke geloof.
Veranderingsprocessen
Een kerk die na eerlijke zelfkritiek tot de conclusie komt dat het anders moet, gaat een veranderingsproces in. Veranderingsprocessen kunnen pijnlijk zijn en mensen nemen verschillende, soms tegengestelde, posities in. Robert Warren beschreef het aan de hand van het beeld van de trein.
Er zijn spoorwegarbeiders, die de nieuwe rails aanleggen. Zij zijn de radicalen in de gemeente die altijd verandering willen. Zij fungeren in een veranderingsproces als wegbereiders. Er zijn locomotieven: de mensen die beseffen hoe belangrijk veranderingen zijn, maar zij weten dat het alleen kan via een geleidelijke, progressieve aanpak kan. Dan zijn er de wagonnen: de conservatieven, die terughoudend zijn als het gaat om innovaties. Deze groep is echter voor rede vatbaar en kan overtuigd worden. Tenslotte zijn er de reactionairen, degenen die zich altijd categorisch tegen verandering verzetten, en die als het laatste wagonnetje overal achter aan hobbelen.
In iedere gemeente zijn er mensen die deze verschillende rollen spelen. In een veranderingsproces zijn zij ook allemaal nodig, maar de sleutelfiguren zijn de progressieven, die met wijsheid een proces van vernieuwing leiding kunnen geven. Zij beseffen dat er voor een verandering een prijs betaald moet worden, maar ze proberen toch zo veel mogelijk mensen mee te nemen. Zo kan Jezus ook worden getypeerd, vond Warren: als een radical tradionalist : “He took the tradition, broke it, and made it accessible to all.”
Lessen voor de Nederlandse situatie
Zoals zo vaak kunnen we de ervaringen vanuit het Verenigd Koninkrijk in de Lage Landen goed gebruiken. We hoeven niet eens de Noordzee over om Warrens principes in actie te zien, want de Engels-sprekende Anglicaanse Christ Church in Amsterdam laat een groei zien, die zelfs geleid heeft tot een nieuwe plant in Amsterdam-Zuid.
Er zijn ook andere voorbeelden van gemeenten die blaken van gezondheid, die voortrekkers zijn in dienstbaarheid en missie, en die groeien (zie de brochure Over een andere boeg: handreiking voor missionair kerk zijn in een tijd van kentering , uitgegeven door de Raad van Kerken in Nederland). Die voorbeelden kunnen inspireren en enthousiasmeren.
Naast de voorbeelden zien we het belang van (statische) analyse. Er zijn ook in Nederland statistieken beschikbaar over ontkerkelijking. De meest recente uitgebreide peiling was Godsdienstige veranderingen in Nederland (Sociaal-Cultureel Planbureau, september 2006). Maar er is meer studie nodig naar het waarom van kerkverlating. Met andere woorden: waar is onze emmer lek? En dan ook: hoe kunnen wij deze lekken dichten?
Een vraag die niet door het Handboek gezonde gemeente wordt beantwoord is hoe migranten en migrantenkerken bijdragen aan de vernieuwing van de Nederlandse kerk, een vraag die inmiddels ook buiten de stedelijke gebieden van belang is.
Al met al het Handboek zeer waardevol. Robert Warren inspireert omdat hij heel nuchter en tegelijkertijd heel gelovig is; realistisch en vol vertrouwen op God. Het gaat hem niet om de kerk als instituut, maar om de kerk voor zover zij op God is gericht. Zijn zeven kenmerken van een gezonde gemeente zijn dingen die wij in het leven van Jezus ontdekken en die ons daarom aan het hart gaan, van wat voor signatuur of kerkelijke traditie wij ook komen.
Utrecht, november 2008, Wilbert van Saane