
Wout van Laar, ‘Samen de toekomst van Europa vormgeven,' Een Impressie van het Europese congres “HOPE 21”, gehouden in Boedapest van 27 april tot 1 mei 2002 |
||
Samen de toekonst van Europa vormgeven, |
||
| 1. Boedapest, de historische hoofdstad van Hongarije met zijn elegante bruggen over de Donau en vanouds een knooppunt tussen oost en west, was dit voorjaar getuige van een bijzonder congres. Ruim duizend evangelische leiders uit 38 landen waren er vier dagen bijeen om samen te zoeken naar de betekenis van 'hoop' voor het Europa van de 21ste eeuw. Dit pan-Europese congres was een gezamenlijk initiatief van de Europese Evangelische Alliantie (EEA), het Lausanne Committee en talrijke andere organisaties die met elkaar verbonden zijn in de beweging 'Hope for Europe'. Al in 1992 was de gedachte voor dit evangelisatiecongres geboren tijdens een Ronde Tafel ontmoeting, die sindsdien jaarlijks wordt gehouden. Verreweg de meeste deelnemers kwamen uit West-Europa. Oost-Europeanen waren er veel minder dan je zou verwachten, terwijl vertegenwoordigers uit de landen rond de Middellandse Zee op de vingers van twee handen waren te tellen. De Evangelische Alliantie (EA) van ons land had, in samenwerking met de EZA, niet minder dan 80 deelnemers uit Nederland weten te bewegen tot deelname.
De laatste avond werd een poging gedaan om een link te leggen naar andere continenten. Na een African Prelude door een African Drum deed de Braliaanse theoloog Valdir Steuernagel een appel op de Europeanen om in de crisis die Europa doormaakt, evenals Jozua als hij voor de Jordaan staat, de schoenen van de voeten te doen en de rivier over te trekken in vertrouwen op Gods beloften. Ondanks het krachtige ritme van de drum en een temperamentvolle spreker van Latijns-Amerikaanse bodem, lijkt evangelisch Europa nog niet te kunnen denken dan in monoculturele kaders. Inhoudelijk kwam de wereld buiten Europa en de niet-westerse kerken, inclusief de diaspora-kerken, nauwelijks in beeld. Alsof je met het verleden en heden in het reine zou kunnen komen en een weg naar de toekomst zou kunnen vinden, zonder daarbij de relatie te leggen met wat er gebeurt in Afrika, Azië en Latijns-Amerika. Kortom, een eurocentrische grondhouding belemmerde het congres om de medeverantwoordelijkheid in de mondiale verhoudingen (kloof arm-rijk) in het oog te vatten, alsmede om inspiratie en hoop te putten uit het verrassende werk van de Geest wereldwijd en in niet-westerse culturen.
3. De kracht van het congres lag in de netwerk consultaties, die overdag werden gehouden op tal van lokaties, over een groot deel van de stad verspreid. In 26 werkgroepen kwamen de meest uiteenlopende thema's betreffende de 'evangelisering van Europa' aan de orde, zoals: apologetiek, kunst, business, gezin, kerkplanting, gemeentevernieuwing, onderwijs, theologie, verzoening, leiderschap, gezondheidszorg, gebed. De indruk die ik kreeg op grond van de verslagen was, dat de kwaliteit van deze kleinere consultaties heel verschillend was. In een aantal groepen is hard gewerkt; uitwisseling leidde niet zelden tot inspiratie en nieuwe visie. Zelf heb ik zeer betrokken deelgenomen aan de werkgroep 'Mission to Europe', uitstekend De discussies leverden een veelbelovend werkpapier op, dat verder zal worden uitgewerkt ter wille van een verantwoorde wijze van omgaan met de in getal en betekenis toenemende missionaire initiatieven vanuit het Zuiden. Interessant is dat EZA en NZR zich hebben voorgenomen om gezamenlijk een weg te zoeken in het nog nauwelijks betreden bos van de vragen waarin wij ons begeven hebben. 4. De laatste dag van het congres verzamelden de deelnemers zich in landengroepen om zich te bezinnen op de vertaling van de resultaten van Hope 21 naar eigen land. Dat gebeurde op 30 april; voor de Nederlanders aanleiding om, -zich in den vreemde bewust van de nationale identiteit-, eerst het Wilhelmus aan te heffen en de vaderlandse driekleur te hijsen. De EA, die een week vóór de conferentie al een voorbereidingsdag in Voorthuizen had georganiseerd, droeg de verantwoordelijkheid voor deze sessie. Er werd verslag gedaan uit de werkgroepen en in kleine groepjes werd gebrainstormd over de prioriteiten voor ons land. Ook tijdens deze 'nationale consultatie' werd stevig gewerkt; in een open overleg werden vernieuwende inzichten en verwachtingen gedeeld. Een 'groep van zeven' (ook de link naar de NZR is gelegd) zal een rol spelen in de verwerking en vertaling naar Nederland, met name in de voorbereiding van een terugkeerdag. Mededelingen daarover kunnen binnenkort worden verwacht. 5. Concluderend kan gezegd worden dat het congres een belangrijk moment van ontmoeting is geweest voor de evangelische beweging in Europa. Voor veel deelnemers bracht Hope 21 nieuwe inspiratie. Met name mannen en vrouwen uit gebieden als Oekraïne en de Balkan toonden zich zeer bemoedigd in hun dienst aan het evangelie. Op het gebied van networking is heel veel gebeurd, vriendschappen werden gesloten en bevestigd, strategieën ontwikkeld. Of Hope 21 echt nieuwe wegen heeft gewezen voor de toekomst van Europa en straks qua betekenis zal worden vergeleken met bijvoorbeeld Lausanne 1974 moet worden betwijfeld. Wellicht ligt de betekenis van Hope 21 vooral daarin, dat in Boedapest in een tijd van grote veranderingen de evangelische beweging bij alle snelle veranderingen even pas op de plaats maakte, in een groeiend bewustzijn dat de traditionele instituties aan vernieuwing toe zijn, niet minder dan die van de oecumenische beweging. Steurnagel sprak een wijs woord, toen hij er in zijn toespraak op wees dat we ons moeten afvragen of niet de tijd gekomen is dat de 'Mozessen' plaats maken voor de jonge 'Jozua's' om in nieuw leiderschap het volk door de rivier te leiden in de richting van het beloofde land. Juist dit inzicht dat wij samen toe zijn aan vernieuwing door de Geest die de zending drijft, zou 'evangelicals' en 'ecumenicals' bijeen moeten drijven om in de verlegenheid en crisis die beide bewegingen kenmerkt gezamenlijk te zoeken naar nieuwe wegen van zending in Europa. |
||